Virtuele wegwijzer

Ga naar hoofdmenu / zoekveld.

  1. Home 
  2. Verzorging & Verpleging
  3.  
  4. Transfer
  5.  
  6. Toilet

Toilet

Helpen bij toiletgang - Hoe doe ik het juist?


Praktijkregels die van toepassing zijn: tillen, duwen/trekken, ongunstige werkhoudingen, hurken/knielen, werkomgeving, hulpmiddelen. De praktijkregel voor tillen, duwen en trekken en ongunstige werkhouding worden in de praktijk vaak overschreden. Maak, wanneer de situatie niet aan de praktijkregels voldoet, gebruik van hulpmiddelen zoals een tillift of van een andere methode zoals een toiletstoel.

Voorbereiden

  • Kies een methode voor de uitvoering van de tansfer van de stoel naar het toilet.
    • Beoordeel of de hulp die gegeven wordt de grenzen van aanvaardbare fysieke belasting overschrijdt of niet. De Tilschijf en de Praktijkregels kunnen hierbij behulpzaam zijn.
    • Als de belasting voor de zorgverlener bij deze transfer de grens van aanvaardbare belasting overschrijdt, dan zal men de transfer met behulp van een actieve of passieve tillif uit moeten voeren (Voorwaarde voor een veilige uitvoering van de transfer met actieve lift is dan dat de zorgvrager zelfstandig kan blijven zitten en tijdens het staan in de lift tenminste steun kan nemen op één been).
    • Zorgvragers die geringe hulp nodig hebben bij de transfer van zit op de bedrand naar de stoel of van de stoel naar het toilet, kunnen door middel van een manuele transfer techniek worden uitgevoerd.
  • Maak voldoende ruimte in het werkgebied.
  • Zet eventuele benodigdheden klaar, dichtbij en op de juiste werkhoogte.
  • Vertel de zorgvrager wat er gaat gebeuren, zodat hij zijn mogelijkheden optimaal kan benutten.
  • Kies zo veel mogelijk voor gemakkelijk te hanteren kleding en incontinentiemateriaal .
  • Maak, waar mogelijk, kleding los of verwijder deze al van te voren, zodat in een kleine toiletruimte zo weinig mogelijk handelingen uitgevoerd hoeven worden.

Uitvoeren manuele transfer
Er zijn meerdere transfertechnieken mogelijk, maar de volgende basisprincipes dienen altijd toegepast te worden:

  • Werk vanuit een stabiele stand.
  • Lever duw- en trekkrachten door gebruik te maken van uw lichaamsgewicht.
  • Werk recht voor (handen voor het lichaam) en dicht bij het lichaam (ellebogen bij de romp).
  • Werk in een rustig tempo zodat de zorgvrager de kans heeft mee te werken.
  • Fungeer als steunpunt waar de zorgvrager zich aan kan optrekken of waardoor de zorgvrager in balans blijft.
  • Maak gebruik van de natuurlijke manier van gaan zitten: vraag de zorgvrager eerst voorover te buigen. Dat voorkomt “neerploffen” op het toilet.
  • Vraag de zorgvrager ook bij het opstaan eerst voorover te buigen.
  • Vraag de zorgvrager zich tijdens reinigen of wassen vast te houden aan steunbeugel, wastafel of iets dergelijks, zodat u recht voor het werk kunt staan en u niet hoeft te ondersteunen tijdens de handeling.

Uitvoeren transfer met een actieve tillift

Stap 1: Voorbereiden
  • Zet de benen van de tillift wijd, zodat u om de (rol)stoel heen kunt rijden en rijd de tillift voorzichtig aan, zet de lift in een lage stand.
  • Blijf zelf tussen de zorgvrager en de tillift in tijdens het aanrijden: anders kan het aanrijden beangstigend zijn voor de zorgvrager. Let hierbij wel op uw eigen werkhouding (Klik 'Rijregels voor tilliften').
  • Zet de rolstoel op de rem en laat de zorgvrager zijn voeten op de voetensteun zetten, help hierbij indien nodig (de scheenbenen moeten bijna tegen de beensteunen komen).
  • Zet de tillift op de rem.
  • Breng de rugband laag in de rug aan en zorg dat de band een beetje op spanning staat.
  • Laat de zorgvrager met zijn handen de steunen van de lift pakken of rusten op een platform (als dat er is) of laat hem zijn eigen handen voor de romp vastpakken.

Stap 2: Handelen

  • Stimuleer de zorgvrager zelf actief mee te werken en leg uit wat hij/zij zelf kan doen.
  • Laat de tillift omhoog komen, totdat de zorgvrager (vrijwel) recht staat. De ene zorgvrager vindt het prettig om volledig recht te staan, anderen hangen liever iets naar achteren.
  • Houd voortdurend oogcontact met de zorgvrager en ga na of deze zich nog steeds prettig voelt.
  • Haal de lift van de rem en verrijd de tillift door uw lichaamsgewicht te gebruiken. (Klik 'Rijregels voor tilliften')

Stap 3: Afronden

  • Rijd de tillift naar een bed, stoel of toilet, zover dat de zorgvrager met zijn knieholtes de rand voelt. Zorg ervoor dat de zorgvrager voldoende ver op het bed, of achterin de (rol)stoel komt te zitten. Kijk ook goed waar de zorgvrager op het matras komt: niet te ver naar boven of het voeteneind. anders moet de zorgvrager bijvoorbeeld nog een keer in bed omhoog getild worden.
  • Zet de rolstoel en de tillift op de rem.
  • Ga weer naast de zorgvrager staan en laat de tillift zakken. Houd in de gaten of de beweging goed verloopt en ga zo nodig weer een klein stukje omhoog met de lift.
  • Verwijder de tilband en sluit de handeling af door na te gaan of de kleding goed zit (plooien) en de zorgvrager prettig zit.

Uitvoeren transfer met een passieve tillift

Stap 1: Voorbereiden
  • Laat de zorgvrager iets naar voren buigen of help hem/haar hierbij. Breng de tilband achter de rug aan.(Zie ook diavoorstelling)
  • Ga na of het hoofddeel ongeveer goed uitkomt bij het hoofd. Zorg dat ook de onderkant van de rug zoveel mogelijk bedekt is.
  • Nu trekt u de beenslips van de sling/tilband rustig en geleidelijk eerst naar beneden in de hoek van de stoel en dan onderlangs de dijen van de zorgvrager, tussen de benen door zodat ze vervolgens tussen de benen aan de tillift aangehaakt of geklikt kunnen worden.
  • Ga niet rukken of trekken: dat is erg belastend voor uw handen of polsen. Het kan handig zijn de zorgvrager te vragen een beetje te wiebelen op zijn billen, zodat u er wat makkelijker bij kunt ('hammengang' of 'billenwandel').

Stap 2: voorbereiden (vervolg)

  • Zet de tillift in een lage stand, zet de benen van de tillift wijd, zodat u om de (rol)stoel heen kunt rijden.
  • Blijf het laatste stukje van de transfer tussen zorgvrager en de tillift: dat is minder beangstigend voor de zorgvrager.
  • Haak nu eerst de clips van het schouderdeel van de tilband aan. Trek daarbij niet. Als het zwaar is, verstel dan het juk van de lift iets, zodat de clips makkelijk aan te haken zijn.
  • Haak ook eerst de clips of lussen aan die zich aan de andere zijde van het lichaam bevinden en dan pas de clips die dicht bij u zitten: dat is lichter voor uzelf.
  • Haak nu de clips van de beenslips aan, en kantel daarbij zo nodig het juk een beetje, zodat u ook nu niet hoeft te trekken. Ook kan het hele juk iets laten zakken of stijgen. Let er steeds goed op dat het juk niet tegen de zorgvrager aankomt.
  • Let op ! Mocht het nog te strak of te zwaar zijn, dan is er iets mis met de sling of de lift: kaart dit aan en (laat) er wat aan doen. De maat van de sling kan bijvoorbeeld verkeerd zijn.
  • Zet de tillift zo nodig op de rem.

Stap 3: Handelen

  • Blijf bij de zorgvrager staan, geef aan dat de beweging gaat beginnen en houd goed oogcontact.
  • Laat de tillift iets omhoog komen en controleer of de clips goed zitten, de sling prettig zit en of de zorgvrager zich prettig voelt. Leg eventueel de beenslips of de doek van de sling gladder, comfortabeler of veiliger om de zorgvrager. (Zie ook diavoorstelling)
  • Laat de tillift nu verder omhoog komen. Het hoeft niet zo hoog: dat is niet prettig voor de zorgvrager en het rijdt minder makkelijk.
  • Kantel de zorgvrager iets achterover door het tiljuk te verstellen. Het hoofd van de zorgvrager rust nu op de hoofdsteun en het gewicht van de romp wordt meer verdeeld over het rugdeel van de sling. Dit is comfortabeler voor de zorgvrager omdat er nu minder druk van de beenslips op de dijen van de zorgvrager komt.
  • Verrijd de tillift rustig door uw lichaamsgewicht te gebruiken.

Stap 4: Afronden

  • Rijd de tillift naar bed (of stoel) en laat de tillift zakken. Houd goed oogcontact met de zorgvrager.
    • Bed: zorg dat de zorgvrager goed (niet te hoog of te ver naar het voeteneind) op het bed komt. Als dit niet het geval is, moet u daarna de zorgvrager bijvoorbeeld weer hoger op bed tillen.
    • Stoel: zorg dat de zorgvrager goed achterin de (rol)stoel komt en beweeg daartoe het handvat van het juk rustig naar beneden. Als u dit goed doet hoeft u geen verdere til- of sjorhandelingen uit te voeren: zoals hogerop in de stoel tillen.
  • Maak eerst de clips van de beenslips los en daarna de clips van het schouderdeel. Pas op dat het juk niet het hoofd van de zorgvrager raakt.
    • Op het bed kantelt u de zorgvrager waarna u de tilband achter de rug van de zorgvrager vouwt. De zorgvrager kantelt terug op de rug en via de andere zijde kunt u nu de tilband verwijderen
    • In een stoel kunt u nu de tilband verwijderen door de beenslips rustig en geleidelijk naar de hoeken van de stoel weg te trekken en vervolgens de hele sling/tilband langs de rug omhoog weg te halen.

Afronden

  • Begeleid de zorgvrager naar de gewenste plaats en controleer of de zorgvrager in een comfortabele situatie achterblijft.
  • Evalueer de handeling: als de situatie zodanig verandert dat de praktijkregels overschreden (dreigen te) worden kies dan opnieuw voor de meest geschikte methode en hulpmiddelen, bekijk de nodige aanpassingen in de werkomgeving, aan kleding en/of van incontinentiemateriaal.
  • Rapporteer wijzigingen aan de eerstverantwoordelijke zorgverlener.
  • Houdt het tilprotocol actueel.

 

Klik op een foto voor
vergroting en toelichting.

Laat de zorgvrager iets naar voren buigen of help hem/haar hierbij. Breng de tilband achter de rug aan. Zet de tillift in een lage stand, zet de benen van de tillift wijd, zodat je om de (rol)stoel heen kunt rijden Blijf bij de cliënt staan, geef aan dat de beweging gaat beginnen en houd goed oogcontact Manoeuvreren met een actieve tillift (bron: SFZW) Als de lift niet het toilet in kan, maakt men gebruik van een postoel (bron: TNO Kwaliteit van Leven)

Servicemenu