Trekken, duwen en manoeuvreren

Praktijktips

  • Maak gebruik van je lichaamsgewicht
    Hang naar voren als je duwt en naar achteren als je trekt.

  • Duw niet te hoog
    Als je wat lager duwt, maak je ook gebruik van je eigen lichaamsgewicht.

  • Houd het object recht voor of achter je
    Duw en draai nooit tegelijk. Loop om het object heen zodat je er altijd recht achter staat.

  • Kijk of de wielen in de rijrichting staan
    Met een zetje met je voet komen ze snel weer goed te staan en heb je meteen de zaak in beweging. Als je een tijdje rechtuit rijdt, zet je de voorste wielen ‘vast’. Dan zijn ze niet zwenkbaar en blijf je gemakkelijk op koers.

  • Start rustig
    Bij de start tel je ‘1, 2, 3…!’. Manoeuvreer altijd rustig, niet explosief.

  • Houd een gelijkmatig tempo aan
    Plan je route om starten en stoppen zoveel mogelijk te voorkomen: verwijder obstakels in de gangen, vraag een collega te helpen met het openen van deuren, zorg voor automatische deuropeners, schopknoppen, etc.

  • Buig je polsen en armen niet te veel
    Je spieren en gewrichten zijn het sterkst in de neutrale middenstand. Voorkom sterk gebogen polsen en duw met je handpalmen. Houd je armen ook recht bij het duwen. Duwen met gebogen armen is niet ‘verkeerd’, maar kost onnodig veel energie.

  • Zijwaarts? Maak de wielen zwenkbaar
    Maak alle wielen zwenkbaar als je zijwaarts wilt rijden. Bijvoorbeeld als je nog ergens precies tussendoor moet manoeuvreren of als je niet goed bent uitgekomen. Eigenlijk doe je het pas als je de neiging hebt om het object even op te tillen om ‘m goed te zetten.

  • Een vijfde wiel
    Een vijfde wiel maakt de kar of het bed niet stabieler. Ook heb je niet minder kracht nodig, tenzij dit vijfde wiel een motortje heeft. Het belangrijkste voordeel is dat het object netjes blijft ‘sporen’, ook in de bochten. Het zwiept niet uit of ‘verlijert’ niet.

  • Zorg voor goed zicht
    Als de kar hoog is en je er niet goed overheen kunt kijken, kan het handig zijn spiegels op te hangen. Je kunt dan verder kijken en eventueel ook om de bocht.

  • Draai om een vast wiel
    Als de kar vier zwenkbare wielen heeft, kan het handig zijn om een wiel vast te zetten en om dat wiel heen te draaien.

  • Bekijk een instructiefilm
    De GoedGebruik instructiefilm over trekken, duwen, manoeuvreren laat zien hoe je dit gezond kunt doen.

  • Doe de Free Learning module ‘Manoeuvreren’
    Wil je meer leren over trekken, duwen en manoeuvreren? Doe dan de Free Learning module ‘Manoeuvreren’ en haal gratis je certificaat en desgewenst een V&VN-accreditatiepunt.